Kees de Ruwe | De Ruwe projectmanagement

Impressies van een groepsreis

Deze winter was ik mee met een groepvakantie. Hoe het zo is gekomen, weet ik niet meer. Ik heb niks met groepen. Van groepen komt alleen maar ellende. In het begin valt het nog wel mee. Na de eerste kennismaking wordt er wat aan elkaar gesnuffeld; er worden beleefdheden uitgewisseld en er wordt ? gemeend of niet ? belangstellend ge´nformeerd naar wat je doet en waar je vandaan komt. Zo gaat dat, zo'n eerste dag. Maar het moment dat iemand zich niet meer kan houden is al snel niet ver weg. Plots klinkt een grappig bedoelde vloek en prompt is het hek van de dam. Als bij toverslag is er een kippenhok, compleet met haantjes. Wie schreeuwt het hardst, wie is de leukste thuis, wie giechelt het aanstekelijkst? Ik houd daar helemaal niet van, net zomin als van al het gedoe in zo'n groep. We kunnen beter rode wijn drinken dan witte, want die is nog duurder; vooral die kleine flesjes. Hoe betalen we straks alles? Zullen we een pot maken? Hoeveel doen we de man in de pot? Kan de muziek wat harder? Zet eens andere muziek op? Kan de muziek wat zachter? Hebben jullie een bad? Wij niet! Moeten we hier afwassen? Zullen we een spelletje doen? Ik moet er niets van hebben, vooral niet als je bridgetegenstander bloedserieus de vloer met je aanveegt. Ik houd niet van zulke mensen. Nog erger zijn de ochtenden. Goeiemorgen! Lekker geslapen? Beschaving waar ik niet goed raad mee weet. Meestal probeer ik wat stilletjes en onopvallend aan te schuiven bij het ontbijt. Wee je gebeente als je op een plek belandt waar je alles moet doorgeven. En dan die lunchpakketten! Hoeveel brood heb jij? Zijn vier sneetjes genoeg? Kiwi's zijn heel gezond. Je kunt beter geen chocola meenemen; die smelt onderweg. Krijgen we ook een ei mee? Wat voor theesmaak heb jij? O nee, ik houd niet van zoethout. Maar het allerergste is nog dat je om klokslag zo laat klaar moet staan voor vertrek en dat er dan altijd weer lui zijn die nog op de wc zitten of hun sneeuwschoenen niet aankrijgen; of dat de auto nog op de handrem staat. Groepen, ik heb er niks mee. Blijf je een dagje alleen achter voor je rust, komt na een half uur de reisleider de berg afrennen. Eentje is zijn fototoestel vergeten en een ander heeft een verkeerde rugzak meegenomen. Onderweg in de sneeuw is het ook feest. Na tien minuten gaan de eerste kleren uit. Wat mensen niet allemaal aantrekken! Ik heb gewatteerde jacks gezien, dikke truien, fleeces, nog meer truien, hemden, korte en lange mouwen, lange onderbroeken. En dat allemaal bij zomertemperaturen. Na twintig minuten moet er gesmeerd worden. Wat heb jij voor factor? Smeer jij dat spul in je haar? Moet je geen petje op? Zo gaat dat maar door. Theepauze, eerste lunchpauze, tweede lunchpauze, fruithapje, chocoladereep, kleren weer aan, fotosessie, nog een fotosessie, wildplassen en zonnebaden. En tussendoor allerlei accidentjes. Lawine,sneeuwschoen losgeschoten, in een beek gestapt, over een beek getijgerd, nog een lawine, knie verdraaid en vaak gevallen. Wat moet ik nou doen? Als je eindelijk weer terugbent in je onderkomen, denk je rust te kunnen vinden. Vergeet het maar. Er is een sauna! Voor vier personen, maar de hele groep wil erin, en liefst twee keer. En allemaal koukleumen op een veel te klein balkon. Ik heb er niets mee, met groepen. Later willen ze allemaal meteen aanvallen op het avondeten, maar dat gaat zomaar niet. Eerst helpen in de keuken. Zitten we eindelijk aan tafel, zijn de a's en o's niet van de lucht. Alsof we in een vijfsterrenrestaurant zijn aangeland. Vooraf getover met volle borden: vegetarisch of niet-vegetarisch. Typisch iets van linkse intellectuelen. Dat zijn trouwens ook de enigen die met zo'n groepsreis meegaan. Dat ik hier nou in verzeild moest raken! Na de maal gaat het gekakel verder. De keren dat het stilvalt, omdat iedereen zit te lezen, zijn op een halve hand te tellen. Tegen de tijd dat ze allemaal naar bed gaan, heb ik een momentje voor mezelf. Even alleen bij de kachel, tijd voor overpeinzing en hoe het nou toch verder moet met de wereld. Maar daarna is ook dat weer over. Ik moet er 's nachts vijf keer uit. Deze groepsreis viel niet tegen, al stikte het van de fysiotherapeuten die mijn rug probeerden recht te trekken. Belangrijker, we hadden geen verkeerde reisleider. Het leek net of hij iedereen maar wat liet aanklooien, maar intussen hield hij de boel nauwlettend in de gaten. Ergens heb ik in de sneeuw geschreven: I love the guide, lawine of niet.